Zoek resultaten voor: Lange | Lange
Els Borst (1932-2014) was van 1994 tot 2002 namens D66 minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in de paarse kabinetten-Kok. Zij werd door veel Nederlanders als een van de betrouwbaarste politici gezien, en stond aan de basis van ons huidige zorgstelsel. Toen Borst op tweeënzestigjarige leeftijd minister werd, had zij een lange carrière in de gezondheidszorg achter de rug. Opgeleid als arts was zij onder meer medisch directeur van het Academisch Ziekenhuis in Utrecht, vicevoorzitter van de Gezondheidsraad en bijzonder hoogleraar evaluatie-onderzoek aan de Universiteit van Amsterdam. Als minister voerde zij de wettelijke regeling voor euthanasie en hulp bij zelfdoding in, de eerste ter wereld. Zij maakte serieus werk van tabaksontmoediging, voerde een donorregistratie in, gaf patiënten medezeggenschap in de zorg, bereidde de invoering van de basisverzekering voor, en dit is nog slechts een selectie. Wie was deze vrouw, wat dreef haar en hoe kreeg ze dat allemaal voor elkaar terwijl ze drie kinderen opvoedde en voor haar zieke man zorgde? Nele Beyens schreef een pakkende biografie, waarbij ze ook gebruik mocht maken van de persoonlijke archieven van Els Borst en haar familie. Dit boek biedt daarnaast een fascinerende blik op ruim zestig jaar geschiedenis van de Nederlandse zorgsector.
Over veiligheid en milieu en arbeidsomstandigheden bij de universiteit
Het lange leven van astronoom en KNVWS-erelid prof. Kees de Jager is rijk aan ervaringen, observaties en resultaten. Jaren geleden besloot hij om een aantal daarvan op schrift te stellen. Ze werden als pagina-vullende column “Terugblik”, gepubliceerd in Zenit; dat is het verenigingsblad van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde (KNVWS). Sommige verhalen gaan over zijn verre verleden op Texel en in Indonesië. Andere gaan over zijn oorlogservaringen. En natuurlijk passeren tal van personen, bijeenkomsten en activiteiten de revue. Kees heeft daarbij een opmerkelijke gave om, ook na jaren, elke Terugblik te schetsen met grote scherpzinnigheid, humor, passie en soms ook ironie.
De auteurt verhaalt in dit boek over 375 jaar Botanische Tuinen in Utrecht verschillende verhalen uit de rijke geschiedenis van de Utrechtse universiteit. Over de hoogleraren, hortulani en studenten, het creatief omgaan met beperkte ruimte en natuurlijk over de planten en hun botanische wederwaardigheden. Maatschappelijke ontwikkelingen waren vaak richtinggevend voor de ontwikkelingen in de tuinen. Het begon allemaal op bolwerk Sonnenborgh, waar hoogleraar geneeskunde Regius een kruidentuin liet aanleggen voor zijn studenten die geneesmiddelen moesten. Via een grotere tuin tussen Nieuwegracht en Lange Nieuwstraat - inmiddels bekend als de oude hortus, de tuin van het Universiteitsmuseum - werd uiteindelijk een terrein op De Uithof op en rondom fort Hoofddijk ingericht. Met zijn aandacht voor biodiversiteit en duurzaamheid speelt ook deze moderne tuin weer in op nieuwe maatschappelijke uitdagingen.
De Utrechtse universiteit dient zo spoedig mogelijk kinderopvang te realiseren
Mijn oorlog, mijn hart is een meeslepend relaas van een imposant leven. De memoires van professor Frits L Meijler zijn meer dan een persoonlijke herinnering: ze vormen een kleine geschiedenis van een belangrijk deel van de twintigste eeuw. In het eerste deel van dit boek –Mijn oorlog- beschrijft de auteur zijn jeugd die zich voor een belangrijk deel afspeelt tijdens de Tweede Wereldoorlog en de nasleep daarvan. Frits Meijler verliest beide ouders in Auschwitz en zit lange tijd ondergedoken. Ondanks zijn persoonlijk leed gedurende de oorlogsjaren, wordt hij in 1948 als dienstplichtig militair uitgezonden naar Indonesië om daar deel te nemen aan de Tweede Politionele Actie. Gewond wordt hij gerepatrieerd en kan hij eindelijk beginnen aan de opbouw van een prachtig leven. In het tweede deel van het boek –Mijn hart- staat de liefde voor zijn vak centraal: de cardiologie. Meijler beschrijft de wetenschap als een avontuur dat zich afspeelt tegen de achtergrond van academische ontwikkelingen, belangrijke ontdekkingen en persoonlijke gedrevenheid. De auteur leidt de lezer langs grote doorbraken in de cardiologie, betrekt ons in begrijpelijke woorden bij wetenschappelijke experimenten en neemt ons mee op de walvisexpeditie die hij in 1989 in gezelschap van zijn vriend Z.K.H. Prins Bernhard ondernam