BiGUU (Bibliografie voor de Geschiedenis van de Universiteit Utrecht) is een bibliografische database waarin de titels zijn opgenomen van boeken en tijdschriftartikelen over de geschiedenis van de Universiteit Utrecht.
De Universiteitsbibliotheek Utrecht heeft deze website met zorg samengesteld en werkt de informatie regelmatig bij.
De Universiteitsbibliotheek Utrecht geeft geen garantie over de juistheid of volledigheid van de informatie die op deze site.
Doorgaans werd er in de UB plichtsgetrouw en hard gewerkt, maar er waren ook grappige gebeurtenissen en er werd zeker ook veel gelachen.
In 1903 overleed de dichter, schrijver, predikant en hoogleraar Nicolaas Beets. Het voelde, schreef een krant, alsof er een goede vriend was heengegaan. Zijn dood luidde het einde in van een tijdperk. Beets was de negentiende eeuw. Zijn leven bestreek bijna negentig jaar, van koning Willem I tot koningin Wilhelmina. Voor de meeste Nederlanders is zijn naam onlosmakelijk verbonden met de 'Camera Obscura' (1839), de bundel schetsen en verhalen die hij onder het pseudoniem Hildebrand publiceerde. Geen ander Nederlands boek uit de negentiende eeuw werd zo vaak herdrukt. Maar Beets was veel meer. Zijn leven lang hield hij vast aan de burgerlijke idealen uit zijn jeugd: God, gezin en vaderland. Mede daardoor groeide hij uit tot een nationaal icoon. Door de nauwkeurigheid waarmee hij zijn bestaan heeft geboekstaafd, is hij niet alleen een chroniqueur van zijn eigen leven, maar van de hele negentiende eeuw.
In tijden van bezuinigingen op het hoger onderwijs toont de honderdjarige geschiedenis van de Utrechtse Historische Studenten Kring (UHSK) hoe belangrijk studieverenigingen zijn voor de binding tussen studenten, docenten, universiteit en de stad. Aan de hand van diepgravende essays, persoonlijke interviews en columns, verrijkt met divers beeldmateriaal, ontvouwt zich een levendig beeld van generaties geschiedenisstudenten die hun weg zochten binnen de stad Utrecht, de universiteit en de studievereniging. Voor de ene student was de vereniging een vakbond voor de linkse historicus-in-spe, voor de andere een gezelligheidsclub die borrels organiseerde en studieboeken met korting leverde. Voor sommigen was de vereniging een ‘home away from home’ en voor anderen de plaats waar vriendschappen voor het leven werden gesmeed. Het boek biedt een terugblik op honderd jaar academisch onderwijs, studentenleven, en veranderende studentenpopulaties. Er is één constante: binnen de UHSK vinden studenten elkaar, delen zij ervaringen en studeren zij samen geschiedenis. Kortom: een verleden dat verenigt.