BiGUU (Bibliografie voor de Geschiedenis van de Universiteit Utrecht) is een bibliografische database waarin de titels zijn opgenomen van boeken en tijdschriftartikelen over de geschiedenis van de Universiteit Utrecht.
De Universiteitsbibliotheek Utrecht heeft deze website met zorg samengesteld en werkt de informatie regelmatig bij.
De Universiteitsbibliotheek Utrecht geeft geen garantie over de juistheid of volledigheid van de informatie die op deze site.
Door de ramen van het bestuursgebouw op de 5de verdieping is het uitzicht wijds. In de verte rijst de Domtoren boven de stad uit, terwijl beneden op het Science Park het academisch jaar aan het opstarten is. Hier, op vertrouwde grond, spreken we met prof. dr. Anton Pijpers, sinds 2017 voorzitter van het College van Bestuur van de Universiteit Utrecht. Aan de vooravond van zijn vertrek blikken we met hem terug. Dat doen aan we aan de hand van eerdere uitspraken die hij in Illuster deed.
Samen met Ab Flipse (Vrije Universiteit Amsterdam) en Pieter Slaman (Universiteit Leiden) redigeerde Leen Dorsman De rector magnificus: Academicus in bestuur, bestuurder in de academie. In deze bundel wordt de positie van de rector magnificus geanalyseerd en van een historische voetnoot voorzien.
Op 1 september 1997 wordt de MUB van kracht, de modernisering van de universitaire bestuursorganisatie. Een medezeggenschapsraad neemt dan de plaats in van de universiteitsraad. Het verzet van de studentenbeweging, die het einde van de 'democratische universiteit' zag naderen, mocht niet baten. Een jammerlijke ontwikkeling, of een gezonde aanpassing aan de eisen van deze tijd? Twee Utrechtse alumni, James van Lith de Jeude en Rian van de Schoot, aan het woord over dertig jaar studentenpolitiek
Efficiency – excellentie – professionalisering – rendementsverbetering: elke universitaire beleidsnota staat tegenwoordig bol van dergelijke termen. Ze laten zien, dat de universiteiten onder grote druk staan. Universiteiten moeten zich onderscheiden, met minder geld meer studenten sneller aan een bul helpen en zo efficiënt mogelijk excellent onderzoek doen waarvan de samenleving maximaal profijt heeft. Om aan al deze wensen tegemoet te komen, wringen zij zich in de ene reorganisatie na de andere, volgens telkens nieuwe managementmodellen. Het aantal ambtenaren en managers dat de rendementsverbetering in het onderwijs, de ondersteuning van het onderzoek, het bewaken van de efficiency en wat niet al in goede banen moet leiden, is hierdoor explosief toegenomen. Alom wordt nu de klacht aangeheven, dat de universiteit is overgenomen door managers. Deze bundel geeft antwoord op de vraag: hoe heeft het zover kunnen komen met de universiteit, waar eens het gezag van de hoogleraar vrijwel onaantastbaar was?
Toen een kleine twee jaar geleden bekend werd dat Douwe Egberts topman Jacques van Dijk de eerste voorzitter van de Utrechtse Raad van Toezicht zou worden, ging er een schok door de universiteit. Deed het bedrijfsleven een greep naar de academische macht? Maar afgezien van een geruchtmakend interview heeft de universitaire gemeenschap nog maar weinig van de nieuwe toezichthouders en hun voorzitter gemerkt