Zoek resultaten voor: Voort | Voort
Interview
De commissie FACOB ontwikkelt een beleid voor de faculteit geneeskunde
"RUU 2001": serie artikelen over hoe de Universiteit Utrecht er in het jaar 2001 moet uitzien
Samenwerking met de Gadja Mada-universiteit in Jogjakarta ter discussie gesteld door de PSO-fractie
Victor Jacob Koningsberger (1895-1966), hoogleraar algemene plantkunde van 1934 tot 1965, was een van de meest markante hoogleraren van de Utrechtse universiteit. Onderwijs stond voor hem op de eerste plaats. Studenten moesten vertrouwd raken met het verschil tussen kritisch studeren en leren. Hij zette het befaamde onderzoek van de ‘Utrechtse school’ naar groei en groeistoffen voort. Koningsberger had ook grote verdiensten buiten zijn vakgebied. Hij was de eerste hoogleraar in Nederland die een principieel protest uitsprak tegen het ontslag van Joodse hoogleraren. Zijn voortdurende kritiek op de bezetter leidde tot zijn internering als gijzelaar. Na de oorlog bekleedde hij ruim veertig belangrijke bestuurlijke functies binnen de wetenschappelijke wereld. Hij mengde zich vol verve in het maatschappelijk debat op het grensgebied van wetenschap en samenleving. De Ivoren-Torenmentaliteit was hem vreemd. Terecht wordt hij beschouwd als een icoon van de biologie en als de meest invloedrijke bioloog in Nederland. De suikerindustrie in Nederlands-Indië heeft veel aan hem te danken door zijn werk als directeur van het suikerproefstation vóór de oorlog en als leider van het herstel van de suikerindustrie daarna.
Wim Meeus werkte van 1975 tot en met 2012 aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Universiteit Utrecht. Hij studeerde in 1975 af in de sociale psychologie in Nijmegen, promoveerde in 1984 cum laude in Utrecht en was vanaf 1991 hoogleraar Adolescentie te Utrecht. Vanaf 1991 leidde hij het onderzoeksprogramma Adolescent Development. Hij initieerde de research master Development and Socialization in Childhood and Adolescence in 2003. Hij was voorzitter van de landelijke onderzoeksschool ISED (Institute for the Study of Education and Human Development), ruim 10 jaar wetenschappelijk directeur van de Utrechtse locatie van ISED, vanaf 1990 tot heden onafgebroken lid van besturen van diverse stichtingen en programma’s van Maatschappij en Gedragswetenschappen (MAGW) van NWO, en van 2003-2009 lid van het gebiedsbestuur MAGW. In 2011 schreef hij het eerste plan voor het strategische thema Jeugd en Identiteit van de Universiteit Utrecht en vanaf 2012 is hij president van The European Association for Research on Adolescence (EARA). Zijn onderzoek richtte zich aanvankelijk op de theoretische grondslagen van groepsdynamica en kritische psychologie en nam een empirische wending met een serie van 19 sociaalpsychologische experimenten naar gehoorzaamheid aan autoriteit die hij samen met Quinten Raaijmakers uitvoerde in het begin van de jaren tachtig. Vanaf het midden van de jaren tachtig richtte hij zich op de adolescentie, was mede-hoofdonderzoeker van het eerste nationale survey Opvoeden in Nederland in 1993, en hoofdonderzoeker of mede-hoofdonderzoeker van vijf langlopende longitudinale studies naar de ontwikkeling van adolescenten. Het longitudinale onderzoek bestrijkt een breed gebied van de adolescente ontwikkeling en het afscheidscollege biedt een beknopt overzicht van longitudinale modellen en een deel van de inhoudelijk bevindingen. Daarnaast geeft het afscheidscollege een overzicht van de turbulente ontwikkeling van de Faculteit Sociale Wetenschappen UU 1975-2012. Meeus zet het longitudinale onderzoek aan de UU voort, ondermeer in het zwaartekrachtprogramma Individual Development, en is per 1 januari 2013 als hoogleraar Ontwikkelingspsychologie verbonden aan de Universiteit van Tilburg.
Vierde deel in zesdelige film over de universitaire wereld in Utrecht. In dit deel beelden van de tandheelkundige kliniek en van de verouderde, te moderniseren Tandheelkundige Faculteit, animatie van het maken van een prothese, het Botanisch Laboratorium en het Botanisch Museum en Herbarium. In het Lantius Park determineren studenten bloemen en planten. Terug in de filmzaal (zie vorige akte) volgen studenten filmbeelden van het hanteren van een entnaald. De hoofdpersoon zet zijn wandeling voort langs oude en nieuwe monumenten en ziet omhoog naar de gotische pracht van de Domkerk. Dies natalis in de kerk, waar erepromotie plaatsvindt. Promovendus verdedigt proefschrift tegenover senaat.